03 juni 2020

ZIJ KAN SLECHTS WAAIEN.

Durf jij de hemel op een kier te zetten
en schone lucht
op ons los te laten,

zelfs als vanaf de wolken
daar
de dood ons uit het water vist of

laat je dat toe
aan de storm.
Tussen het riet bij de wilde zwanen

dobbert de lelie
met haar naasten, wachtend
op

een wonder. Geen van hen
kan het
voorkomen. “Het gieren zal ons

vroeg of laat
de grond uit rukken, gaan van:
“Slaap, mijn lelies, slaap

nu maar” en: “stop met het
verplaatsen van de wolken.”
Haar adem

zal de blaadjes
boven onze wortels wiegen. Wij,
grote witte lelies,

roze soms,
op het meer en daarna vliegt ze
naar de hemel toe en

biedt ons
aan.”
Misschien speurt

iemand anders nog de bodem af
op zoek naar
klei of rots

om ons te binden, maar maak
de wind toch geen verwijten.
Ondergronds

heeft zij geen zuurstof,
boven
kan de wind slechts

waaien.”

– Malon