11 oktober 2020

ZONDER HET TE WETEN.

Nee, noem deze nieuwe opening
geen letsel,
noem het

geen verse wond.
Ze is geen schram, ze is
een uitgang.

En vandaag wil ik jouw naam doorgronden.
Ik,
die in duizend gouden splinters

door jouw kosmos ging. Ik,
die aan het langzaam broedbed hing
en zich er vormde.

Dit nest, dit nest waar ik in ben verwekt. Jij
gaf me deze wereld.
Negen maanden bleef ik. Ik kreeg

alle
tijd en ruimte
om uit jouw buik te breken.

Het was een vreemd gebaar in laat september.
Ik wist niet wie je was, moeder,
en nooit

heb je het uitgelegd.
Een vrouw, ineens, hield er mijn naakte lichaam
stevig

tegen haar warme borst
en zorgde,
zoogde.

In jouw kuiltje
ben ik toen ontsproten, mam, kwam uit je bekkenbodem rollen

en heb mij uitgevouwen in je schoot,
volgde je adem tot het automatisch ging
en heb geprobeerd

je naam te vertalen,
maar niet ooit wist ik wie je was,
moeder,

toen ik
je lijf
verliet.

Het was iets vanzelfsprekends,
iets heel
zachts en iets

dat bij me bleef. Je was mijn moeder
zonder het te weten, gewoon
iets liefs van liefde

dat ik alleen
kon
voelen.

– Malon